Op A1 Bedrijvenpark Deventer laat een Smart Energy Hub zien dat samenwerking netcongestie kan doorbreken. Dankzij een groepscontract onder een nieuwe netcode van Liander konden nieuwe kavels tóch worden ontwikkeld. Het project, waarin ondernemers, de gemeente, de provincie Overijssel en Oost NL samen optrokken, geldt als schaalbaar voorbeeld voor andere bedrijventerreinen.

‘Als dit op alle plekken in Nederland gebeurt, dan hebben we geen probleem met netcongestie’, zegt Patrick Geurtsen, directeur/eigenaar van de gelijknamige machinefabriek en deelnemer aan de energiehub. Hij stuitte bij toewijzing van zijn kavel direct op onzekerheid over netaansluiting, maar kon dankzij een tijdelijke afspraak met een buurman toch starten. ‘Dat was niet mogelijk voor andere bedrijven die naar het bedrijvenpark wilden komen.’ De urgentie werd breed gevoeld, stelt hij.

De gemeente werkte op dat moment al aan een alternatief om de gevolgen van netcongestie op te vangen, zegt Ronald Bolderman, projectmanager Energie Hub A1 van de gemeente Deventer. ‘We ontwikkelden het A1 Bedrijvenpark Deventer met het doel om een terrein te maken waar we over dertig jaar nog trots op zijn.’ Deventer koos voor circulair bouwen, gasloos en zonnepanelen als norm. Op het moment dat netcongestie zich aandiende, had de gemeente al plannen klaarliggen. Hard nodig, want door het overvolle elektriciteitsnet kan de gemeente de grotere kavels niet uitgeven.

Voorwaarden

Rutger Beekman, regisseur Smart Energy Hubs, raakte al vroeg betrokken bij het project voor de Smart Energy Hub. Zijn expertise vanuit het programma Smart Energy Hubs, een initiatief van provincie Gelderland, provincie Overijssel en Oost NL, bleek onmisbaar bij de totstandkoming van de hub. ‘We hadden de voorbereiding op orde en voelden de urgentie. Daardoor konden we snel handelen toen het echt nodig werd.’

Machinefabriek Geurtsen is een van de eerste bedrijven op A1 Bedrijvenpark die deelneemt aan de energiehub. ‘De hub is schaalbaar, en we zitten dicht bij windmolens. Dat biedt kansen’, zegt Patrick Geurtsen, directeur/eigenaar van de gelijknamige machinefabriek. Foto Oost NL.

Want een oplossing voor netcongestie was cruciaal voor deze ondernemers, die graag naar hun nieuwe kavel wilden verhuizen. ‘Urgentie is een voorwaarde voor dit soort projecten’, zegt Beekman. Voor een succesvolle energiehub is ook de wil om samen te werken cruciaal. ‘Zonder helder beeld van je pijn, kun je geen collectieve oplossing bouwen. En je moet elkaar iets gunnen, ook als het schuurt.’ 

Hij voegt daaraan toe: ‘Eigenaarschap is essentieel. Het moet echt van ondernemers zelf zijn.’ Als derde voorwaarde noemt hij energetisch inzicht: weten waar de knelpunten in het verbruik en energieopwekking zitten, en wat er collectief mogelijk is.

‘We maakten bij elke stap het energetisch beeld concreet. Dat gaf Liander vertrouwen’, zegt hij. Voor de netbeheerder betekende het innovatieve contract dat de organisatie daarop moest worden ingericht. 

Het ging om een zogenoemde groepstransportovereenkomst (GTO): een contractvorm waarbij meerdere bedrijven transportcapaciteit delen. Elk bedrijf houdt zijn eigen aansluiting, maar gezamenlijk sluiten ze één contract met de netbeheerder. Via een collectief energiemanagementsysteem (CEMS) stemmen ze hun gebruik af, waardoor pieken worden beperkt en de beschikbare netcapaciteit slimmer kan worden benut. 

Organisatie

De initiatiefnemers richtten een aparte coöperatie op om de samenwerking te organiseren. Hierbij werden niet direct alle mogelijke deelnemers betrokken. In Deventer is gekozen voor een aanpak van “groot denken, klein beginnen”: er was een duidelijk eindpunt, terwijl tegelijk snel concrete stappen konden worden gezet. 

Omdat niet alle ondernemers op het terrein deelnemen, is in overleg met het bestaande parkmanagement besloten een nieuwe collectieve entiteit op te richten. Dat was logisch, gezien de complexiteit van een hub in verhouding tot de overige taken van het parkmanagement, zegt Beekman. ‘Een hub vraagt om regie, contractkennis en energie-expertise.’ 

De vier eerste deelnemers aan de coöperatie en toekomstige kavelkopers delen hun opgewekte stroom en stroomvraag via het CEMS. De hub gebruikt software om verbruiksprofielen te combineren. Deelnemers hebben daardoor minder aansluitcapaciteit nodig dan bij een individuele aansluiting. Geurtsen licht toe: ‘Normaal vraag je je aansluiting aan op basis van je piek, plus wat marge. Dat is veel meer dan je dagelijks gebruikt. Door samen te werken, kun je die marge beperken. Je gaat van verschillende gebruiksprofielen stapelen. Mijn piek komt op een ander moment dan die van mijn buurman.’

Smart Energy Hub A1 in Deventer is een van de pilotlocaties in het programma Smart Energy Hubs Oost-Nederland. Dat programma, een initiatief van provincie Gelderland en Provincie Overijssel en Oost NL, stimuleert lokale opwekking, opslag en gebruik van energie. Voor meer info: www.smartenergyhubs.eu

Het CEMS stuurt de verdeling van stroom en pieken automatisch aan. Ondernemers moeten hun profiel goed kennen, maar houden de regie op afstand via de coöperatie. ‘Mijn belangrijkste tip: huur iemand in die weet hoe dit werkt.’ Dankzij de inzet van Oost NL en de gemeente kwamen de ondernemers in een gespreid bedje terecht, zegt Geurtsen. ‘Technisch hoefden we weinig aan te passen. Omdat ons energieprofiel goed past in de samenwerking, hebben we op dit moment geen generator of batterij nodig. We moesten vooral veel stukken doornemen en de coöperatie opzetten.’ Zo kon Geurtsen zich vooral richten op zijn bedrijf en de verhuizing naar de nieuwe kavel.

Gevoel van urgentie

Financieel wordt het project mogelijk gemaakt door een bijdrage vanuit de regiodeal, gemeente Deventer, Provincie Overijssel, Oost NL en de deelnemende bedrijven. Oost NL speelde daarnaast een sleutelrol bij de oprichting van de coöperatie door ervaring in te brengen vanuit andere pilots. ‘We hoefden niet bij nul te beginnen’, zegt Beekman. ‘We gebruikten contractformats uit een andere pilot en statuten die al eerder waren opgesteld. Daardoor boekten we veel sneller resultaat.’ Beekman: ‘Vanuit het programma Smart Energy Hubs vertaalt Oost NL die lessen weer naar standaardproducten, waardoor de ontwikkeling van energiehubs steeds sneller kan gaan.’

 ‘We hoefden niet bij nul te beginnen’

Dankzij de hub, die op 1 september is opgeleverd, kunnen nieuwe bedrijven verhuizen naar hun plek op het A1 Bedrijvenpark Deventer en kunnen bestaande bedrijven uitbreiden. Geurtsen zag de voordelen niet meteen: ‘Toen we begonnen te bouwen, hadden we stroom nodig. Ik twijfelde of de hub op tijd klaar zou zijn. Maar dit voorjaar kregen we het vertrouwen dat het zou lukken. Dat bleek terecht.’

‘Het is gelukt omdat alle partijen hun huiswerk hadden gedaan en de urgentie voelden. Daardoor konden we snel schakelen toen het erop aankwam’, zegt Beekman.

Smart Energy Hub A1 Bedrijvenpark
Ligging: Deventer-Oost aan de A1
Oppervlakte: 129 hectare
Aantal kavels: 22
Huidige deelnemers SEH: F. vd Vooren Medische Groothandel, Dijkham Bouw, Machinefabriek Geurtsen en gemeente Deventer
Netbeheerder: Liander
Bijdragen van: Oost NL, Gemeente Deventer, Provincie Overijssel
Doorlooptijd: ~1,5jaar
Aantal kW (afname): 1.900
Deelnemers betalen niet meer dan bij een individuele aansluiting, maar profiteren van meer flexibiliteit. Ze kunnen opwek delen, opschalen en inspelen op toekomstige oplossingen zoals batterijen of collectieve laadpleinen. Naast het stapelen van hun verbruiksprofielen brengen de bedrijven ook de stroom van hun zonnepanelen in binnen de hub. ‘We merken dat andere bedrijven willen meedoen. De hub is schaalbaar, en we zitten dicht bij windmolens. Dat biedt kansen’, zegt Geurtsen.

Inspiratie

Het project trekt landelijk aandacht. Marc Leeuw, senior projectmanager Energy bij Oost NL, ziet de Smart Energy Hub in Deventer als voorbeeld voor de rest van Nederland: ‘Als je het echt wilt, kun je het organiseren. We verwerken de lessen uit Deventer in standaardproducten. Daarmee kunnen andere terreinen sneller schakelen.’ Leeuw zegt dat de startfase pionierend was: ‘In de beginfase hadden we nog geen definitie van wat een decentraal energiesysteem precies was. Dat moesten we uitzoeken: waar liggen de kansen, waar is behoefte?’ Door het project in Deventer is op dit soort vraagstukken veel sneller een antwoord te formuleren.

‘In de beginfase hadden we nog geen definitie van wat een decentraal energiesysteem precies was'

Leeuw benadrukt dat geïnteresseerde ondernemers op andere bedrijventerreinen wel eerst hun huiswerk moeten doen voordat ze voor hulp aankloppen bij Oost NL of een provincie. Ook hier gelden de drie voorwaarden zoals omschreven door Beekman: urgentie, samenwerking en duidelijkheid over de energetische behoefte. ‘De techniek is te overzien, maar de samenwerking moet kloppen. Zonder collectief belang lukt het niet’, vult Beekman aan. Voor gemeenten ligt er een belangrijke rol in het scheppen van de juiste condities. Bolderman: ‘We leveren geen stroom, maar we kunnen wel randvoorwaarden creëren en faciliteren. Als partijen het samen willen doen, helpen wij om het mogelijk te maken.’

Vooruitzicht

Intussen staat de coöperatie op het A1 Bedrijvenpark Deventer open voor nieuwe deelnemers. ‘De eersten hebben zich al aangediend’, zegt Beekman. Schaalbaarheid was van meet af aan uitgangspunt. Deelnemers en partners verkennen daarnaast nieuwe initiatieven, waaronder collectieve opslag en lokale energieopwekking. Netbeheerder Liander, de gemeente en Oost NL blijven meedenken en meewerken aan de volgende stappen.

Geurtsen verhuist zijn machinefabriek deze herfst. Nu de Smart Energy Hub is opgeleverd, ziet hij de toekomst met vertrouwen tegemoet: ‘We zijn gespecialiseerd in maatwerk en automatisering. Met deze energiehub hebben we ook onze energievoorziening op maat geregeld. Dat geeft rust en ruimte om te groeien.’

bedrijventerrein energiehub energietransitie OostNL