Nederland telt circa 2.500 potentiële energiehubs, waarvan er zo'n 900 maatschappelijke meerwaarde bieden. Dat blijkt uit nieuw onderzoek van CE Delft in opdracht van Topsector Energie en de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. Bij realisatie kunnen deze hubs het elektriciteitsnet ontlasten en bijdragen aan CO2-reductie en woningbouw.
Energiehubs kunnen netcongestie verminderen, CO2-uitstoot beperken en woningbouw versnellen. ‘Dit onderzoek is een nieuw bouwblok om beter begrip te krijgen van de rol en waarde van energiehubs voor het energiesysteem,’ zegt Marjolein Bot, programmadirecteur Systeemintegratie bij Topsector Energie.
De maatschappelijke waarde van energiehubs wordt geraamd op 10,5 tot 20,4 miljard euro in de periode tot 2050. Een belangrijk deel daarvan komt voort uit het voorkomen van netverzwaring. Bij volledige realisatie zou tussen de 3,3 en 6,2 gigawatt aan netuitbreiding vermeden kunnen worden.
CE Delft bracht twaalf typen energiehubs in kaart. De maatschappelijke kosten-batenanalyse (mkba) kijkt niet alleen naar techniek en economie, maar ook naar effecten op CO2-uitstoot, luchtkwaliteit, woningbouwpotentie en samenwerking.
CE Delft analyseerde de volgende energiehubtypes:
- Gemengd bedrijventerrein – elektrificatie
- Gemengd bedrijventerrein – laagtemperatuur warmtenet
- Logistiek bedrijventerrein
- Glastuinbouwcluster
- RWZI en bestaande buurt
- Industrieel bedrijventerrein – elektrificatie
- Industrieel bedrijventerrein – lokale waterstofproductie
- All-electric bestaande buurt
- Bestaande buurt – laagtemperatuur warmtenet
- Nieuwbouwwijk
- Bestaande buurt – middentemperatuur warmtenet
- Bedrijventerrein – duurzame elektriciteitsproductie
‘Los van de conclusies biedt de methodiek van CE Delft ook een manier om naar energiehubs te kijken vanuit maatschappelijk perspectief, in plaats van uitsluitend technisch of economisch,’ aldus Bot.
‘In de analyse worden bijvoorbeeld ook CO2-emissies, luchtkwaliteit en de mogelijkheid tot het realiseren van meer woningbouw meegenomen.’
Verschillen tussen hubtypes
Niet elk type energiehub levert baten op. In all-electric bestaande wijken en op logistieke terreinen zijn de maatschappelijke kosten vaak hoger dan de baten. Andere archetypes laten juist duidelijke meerwaarde zien.
Energiehubs blijken vooral kansrijk bij schaalbare toepassingen, lokale benutting van energiestromen en duurzame warmte. Voorbeelden zijn rioolwaterzuiveringsinstallaties, glastuinbouwclusters en nieuwbouwwijken.
‘Met deze methodiek in handen kunnen ontwikkelaars sneller inzicht krijgen in de risico’s en baten van een energiehub,’ zegt Martijn Blom, hoofdonderzoeker bij CE Delft.
‘Hoe eerder je die in beeld hebt, hoe kansrijker de aanpak kan zijn. De archetypes uit onze studies vormen een eerste startpunt, maar een specifieke analyse van een locatie is nodig.’
Deze variëren sterk in schaal, energiestromen en maatschappelijke effecten. De mkba combineert netimpact, CO2-uitstoot, energiekosten en ruimtelijke inpassing tot één integraal beeld.
CE Delft doet in het rapport vier aanbevelingen voor beleid en ontwikkeling:
- Zet selectief in op kansrijke archetypes met structureel positieve maatschappelijke waarde;
- Faciliteer samenwerking en schaalvergroting om organisatiekosten te verlagen en baten te vergroten;
- Blijf investeren in ontwikkeling, ook bij minder kansrijke hubs. Kleine aanpassingen kunnen baten laten kantelen;
- Optimaliseer op maatschappelijke waarde én CO2-reductie. Deze gaan vaak samen, maar niet altijd. Zo zijn het glastuinbouwcluster en de nieuwbouwwijk maatschappelijk rendabel, maar leiden ze tot meer CO2-uitstoot.
Het rapport ‘Maatschappelijke waarde van twaalf archetypen energiehubs voor Nederland’ is opgesteld door CE Delft in opdracht van Topsector Energie en de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland.