In de Willem-Alexanderhaven in Roermond gaan waterveiligheid en circulaire economie hand in hand. Vier grote watergebonden bedrijven op het gemengde bedrijventerrein bundelden hun krachten in 'Port of Roermond' en wisten samen met waterschap, gemeente, provincie een innovatief plan voor hoogwaterbescherming te realiseren. Met Europese steun transformeert ‘Willem-Alexander’, een van de locaties die wordt bezocht tijdens de tweedaagse studiereis Ruimte voor circulaire bedrijventerreinen, naar een duurzaam bedrijventerrein, waar het gros van de bedrijven de omzet haalt uit circulaire activiteiten.
‘Negentig procent van de totale omzet op dit bedrijventerrein – zo'n half miljard euro – is te relateren aan de circulaire economie’, vertelde Willem Bakker, directeur van Kalle en Bakker Overslag, tijdens een circulaire safari van SKBN op de Willem Alexanderhaven begin dit jaar. Dat was een verrassende ontdekking voor de bedrijven zelf die zich bezig houden met uiteenlopende activiteiten van metaal recycling, papierproductie tot aan een asfaltcentrale met gerecyclede grondstoffen en de productie van monopiles voor de windindustrie. ‘Zonder dat bedrijven dit van elkaar wisten, blijkt dat we allemaal bijdragen aan de circulaire economie’, aldus Bakker.
Studiereis Circulaire Bedrijventerreinen: versnellen door ruimte te maken
De circulaire economie krijgt op bedrijventerreinen steeds meer vorm. Toch ontbreekt één belangrijk onderdeel in het groeiende aanbod aan kennis en bijeenkomsten: een studiereis langs plekken waar circulariteit al concreet wordt. Op woensdag 4 en donderdag 5 februari 2026 organiseren vakblad BT en SKBN, met support van Buck Consultants International en Fontys daarom een tweedaagse reis langs vooruitstrevende (watergebonden) circulaire werklocaties in Utrecht, de plannen voor circulair bedrijventerrein Strijkviertel, grondstoffendepot Trechterweide op Lage Weide en het Upcycle Centrum in het Werkspoorkwartier, Nijmegen (TPN-West), Helmond (BZOB) en Roermond (Willem-Alexanderhaven).
Deelnemers zien hoe nieuwe en bestaande terreinen werken aan ruimte voor circulaire bedrijvigheid: van planvorming en herontwikkeling tot grondstoffenhubs, hergebruik van reststromen en samenwerking tussen ondernemers. De rode draad is de vraag hoe je circulariteit kunt versnellen door betere, slimmere en toekomstbestendige ruimte te bieden. De studiereis is bedoeld voor professionals die werken aan ruimtelijk-economische ambities binnen de circulaire transitie. Bekijk hier het programma van de studiereis.
De circulaire identiteit kreeg vorm nadat de gemeente Roermond in het omgevingsplan voor Willem-Alexander de vraag stelde wat eigenlijk de identiteit van dit bedrijventerrein was. Een vraag die leidde tot fundamentele herpositionering. Het imago van de haven, voorheen vaak gezien als "oud en vies", is sindsdien drastisch veranderd.
Het bedrijventerrein huisvest meer dan 1.000 werknemers en genereert een jaaromzet van 600 tot 700 miljoen euro. Wat het terrein bijzonder maakt, is de hoge concentratie maakindustrie aan het water – ongebruikelijk voor dit type terreinen waar normaal logistiek en vervoer domineren. De bedrijven zijn bovendien sterk aan elkaar gekoppeld, wat bijdraagt aan de circulaire bedrijfsvoering.
Samenwerking binnen coöperatie
Een cruciale ontwikkeling was de oprichting van coöperatie 'Port of Roermond' eind 2022. De vier grootste bedrijven – BESIX Infra Nederland, SIF Netherlands, Kalle en Bakker Overslag en Smurfit Westrock Roermond Papier – werkten reeds samen binnen de een BIZ (Bedrijveninvesteringszone), en hebben zich vanuit deze BIZ verenigt tot een coöperatie om de krachten te bundelen en samen het gesprek aan te gaan met de betrokken overheden.
‘Er is dus absoluut geen sprake van greenwashing’
‘Dat lukt alleen door intensieve samenwerking, het actief uitdragen van een gezamenlijke visie en door praktisch invulling te geven aan circulariteit’, legt Bakker uit. Concrete voorbeelden zijn de uitwisseling van reststromen, warmte of energie tussen bedrijven. ‘Er is dus absoluut geen sprake van greenwashing’ , benadrukt Bakker.
Jean-Dominique De Pré, projectmanager bij Port of Roermond, vult aan: ‘Door de handen ineen te slaan, konden we sterker en constructiever het gesprek aangaan met het waterschap in plaats van dat het waterschap naar de belangen van alle bedrijven individueel moest kijken.’
Hoogwater als katalysator
Het hoge water in de Maas van zomer 2021 fungeerde als katalysator voor verandering. De bestaande primaire waterkering bij de Willem Alexanderhaven voldeed niet aan de wettelijke normen voor waterveiligheid. De kering, bestaande uit een keermuur uit 1995 en een damwand uit 2012, was afgekeurd op hoogte en sluiting.
‘In het oude plan zou bij een overstroming alleen het naburige outlet center de voeten droog houden'
Het aanvankelijke plan van het waterschap stuitte echter op verzet van BESIX, Kalle en Bakker, Smurfit Westrock en offshorebedrijf SIF. Bakker: ‘In het oude plan zou bij een overstroming alleen het naburige outlet center de voeten droog houden en de binnenhaven zou onder water komen. Dat zou voor de bedrijven op dit terrein leiden tot een enorme economische schade.’
De bedrijven kwamen daarop met een alternatief plan waarin alle bedrijven op Willem Alexander wel verzekerd zijn van goede bescherming tegen hoogwater. Voor deze oplossing was echter meer geld nodig dan wat het Waterschap aanvankelijk wilde uittrekken.
Europese subsidie
De doorbraak kwam toen Port of Roermond in 2023 een substantiële Europese subsidie wist binnen te halen. De Europese Unie stelde meer dan 37 miljoen euro beschikbaar via het Connecting Europe Facility (CEF) voor de doorontwikkeling van drie Limburgse binnenhavens, waarvan de Willem-Alexanderhaven veruit het grootste project vormde.
Dit was de eerste keer in Nederland dat financiering voor hoogwaterbescherming – afkomstig van zowel Waterschap Limburg, het CEF-fonds, als investeringen vanuit het bedrijfsleven – werd benut voor de uitvoering van zo'n integraal plan, waarbij hoogwaterbescherming gekoppeld wordt aan logistieke bedrijvigheid in de haven.
‘De miljoenen zijn niet bedoeld om de circulaire initiatieven op Willem Alexander te financieren maar vooral bedoeld om de kade-ontwikkeling te financieren’, verduidelijkt De Pre. ‘De kade vormt de basis om de toekomstige circulaire ontwikkelingen op het terrein te stimuleren als onderdeel van ons plan “Impact 2028”.’
Integraal plan voor waterveiligheid
Met het integrale plan worden de bedrijventerreinen van BESIX, Koopmans, Varo, Menten en een deel van het terrein van SIF na realisatie door een primaire waterkering beschermd. Voor de landtong (Kalle & Bakker), Smurfit Westrock en de bedrijfshallen van SIF wordt voor de bestaande kades een maatwerkkering gerealiseerd, welke geen status heeft als primaire bescherming, maar wel eenzelfde mate van bescherming biedt.
‘De kade vormt de basis om de toekomstige circulaire ontwikkelingen op het terrein te stimuleren
Het project is opgedeeld in drie deeltrajecten, elk met specifieke versterkingsmaatregelen. In 2019 is een voorkeursalternatief door het Waterschap Limburg vastgesteld dat zoveel mogelijk het bestaande tracé van de primaire kering op het bedrijventerrein volgt. Daarnaast is er, binnen de samenwerking tussen Port of Roermond, Waterschap Limburg, provincie Limburg en de gemeente Roermond een aanvullend plan ontwikkeld om ook de buitendijks gelegen bedrijven te beschermen.
‘Port of Roermond heeft, in ondersteuning van het Waterschap Limburg, de leiding over het verdere verloop. Inmiddels zit het plan voor de waterkering in de participatiefase’, licht De Pré toe. Naar verwachting wordt het ontwerp Projectbesluit in de loop van het derde kwartaal 2025 ter inzage gelegd.
Pionieren met PPS
De samenwerking tussen Port of Roermond en de overheidspartijen verloopt niet zonder uitdagingen. ‘Het is pionieren in dit project met veel leerpunten’, zegt De Pré. ‘Hoe pak je een publiek-private samenwerking precies aan en hoe vind je elkaar als bedrijven en publieke sector?’
In het begin ontbrak het volgens hem aan een gemeenschappelijk doel. ‘Voor de mensen die betrokken zijn bij dit publiek-private project is dit geen dagelijks werk. Het is toch mensenwerk en de ervaring zit bij een beperkt aantal mensen.’ Inmiddels staat het project op het punt om een realisatieovereenkomst te tekenen waarbij Port of Roermond de projectorganisatie op zich zal nemen. ‘We fungeren dus als directie naar de uitvoerende partijen’, aldus De Pré. De Europese aanbesteding wordt momenteel voorbereid en zal eind dit jaar gepubliceerd worden.
Realisatie afvalstoffenhub
Naast de waterkering en kade-ontwikkeling heeft Port of Roermond ook andere circulaire ambities. Willem Bakker vertelt over plannen voor een afvalstoffenhub op het terrein: ‘We hebben in een project geïnventariseerd of we bepaalde afvalstromen kunnen verwerken van beton of asfalt. Dat bleek lastig omdat in beide organische verontreiniging zit.’
Eén afvalstroom die wel kansrijk bleek, is papier. ‘Alle bedrijven krijgen hier papier, maar de fabriek van Smurfit is hier zo groot dat we het oudpapier niet rechtstreeks naar toe kunnen brengen zodat het daar weer verwerkt kan worden tot nieuw papier’, legt Bakker uit. Een belemmering vormen de huidige regelgeving rondom afvalstromen, waarvoor Port of Roermond hoopt op versoepeling in het omgevingsplan na 2030.
Daarnaast zijn onderwijsinstellingen zoals Fontys Hogescholen en de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen (HAN) betrokken bij de ontwikkeling van de haven. Studenten werken samen met de bedrijven en overheden aan projecten die bijdragen aan de circulaire transitie van het bedrijventerrein.
Ruimte voor circulaire groei
Een cruciale vraag bij de transitie naar een circulaire economie is of er voldoende fysieke ruimte is op het bedrijventerrein om die vraag waar te maken. De Willem-Alexanderhaven kent met haar watergebonden ligging zowel voordelen als beperkingen.
De intensieve samenwerking tussen de vier grote bedrijven binnen Port of Roermond is deels een noodzakelijk antwoord op de ruimtelijke uitdagingen van het terrein. Door bestaande logistieke stromen te optimaliseren, halen de bedrijven op het bedrijventerrein jaarlijks zo'n 53.000 vrachtwagens van de weg te halen. Deze modal shift van de weg naar het water zorgt voor een efficiënter ruimtegebruik en CO2-reductie.
‘De concentratie van verschillende afvalstromen op één plek biedt efficiency, maar vraagt ook om de nodige ruimte'
De nieuwe waterkering en kade-ontwikkeling zijn daarnaast zorgvuldig ingepast om de bedrijfsactiviteiten niet alleen te beschermen, maar ook ruimtelijk te optimaliseren. Door infrastructuur multifunctioneel in te richten – zowel als bescherming tegen hoogwater als logistieke faciliteit – wordt dubbel gebruik gemaakt van de schaarse ruimte.
Voor de toekomstige afvalstoffenhub die Bakker voor ogen heeft, zal echter aanpassing van het omgevingsplan en creatief ruimtegebruik nodig zijn. ‘De concentratie van verschillende afvalstromen op één plek biedt efficiency, maar vraagt ook om de nodige ruimte en flexibiliteit in regelgeving en dat blijkt in de praktijk juridisch erg lastig voor de gemeente om hierin mee te bewegen.’
Voorbeeldproject
Willem-Alexanderhaven in Roermond laat zien hoe circulariteit en waterveiligheid hand in hand kunnen gaan op een bestaand bedrijventerrein. Door creatief te zijn met beschikbare fondsen en intensief samen te werken, behoort het terrein inmiddels tot de meest duurzame en meest circulaire bedrijventerreinen van Nederland.
De Pré: ‘Het was en is flink pionieren maar we verwachten nu dat de realisatie van het project in 2026 start. De wijze waarop verschillende stakeholders bedrijfsleven, provincie, waterschap en gemeente samenwerken kan als inspirerend voorbeeld dienen ook voor andere watergebonden bedrijventerreinen en binnenhavens die voor vergelijkbare (ruimtelijke) uitdagingen en verduurzamingsopgaven staan.’