Door het beperken van transformaties, in combinatie met het stimuleren van uitbreiding en subsidies voor maakindustrie, is de voorraad bedrijfsruimte in Rotterdam afgelopen bestuursperiode met bijna 71.000 m² gegroeid. Daarmee heeft het stadsbestuur de aan zichzelf opgelegde doelstelling voor behoud van bedrijfsruimte gehaald.
In het ‘Collegetarget Bedrijfsruimte’ uit 2022 staat dat de voorraad bedrijfsruimte tot 2026 minimaal op hetzelfde niveau moet blijven als in 2022: 4.269.525 m² bruto vloeroppervlakte (bvo).
Daarmee was Rotterdam de eerste stad in Nederland die een expliciete doelstelling formuleerde voor het behoud van bedrijfsruimte. De teller stond op 1 november op 4.335.128 m² bvo. Dat is 70.657 m² meer dan in 2022, aldus de ‘Eindverantwoording 2022 – 2026’, waarin het college van Leefbaar Rotterdam, VVD, D66 en DENK haar eigen prestaties langs de meetlat legt.
Actieplan Bedrijfsruimte
Het positieve saldo is vooral te danken aan het beperken van transformaties van bedrijfspanden en -locaties naar woningen. Grote, maar ook veel kleinere onttrekkingen zijn tegengehouden. Alleen al ‘op Zuid’ gaat dit om ruim 100.000 m².
Daarnaast is nieuwbouw van bedrijfsruimte en uitbreiding gestimuleerd, met onder meer subsidie voor maakbedrijven en andere maatregelen uit het Actieplan Bedrijfsruimte, waarmee het college de bedrijfsruimtedoestellingen ondersteunde.
Industrieel (mede)gebruik
Een concreet voorbeeld is het besluit van het college van B en W om ruimte voor economie terug te brengen op het vrijgekomen voormalige Hunter Douglas-terrein op het Eiland van Feijenoord op Rotterdam-Zuid.
De gemeente heeft ingestemd met herontwikkeling, onder voorwaarde dat er minimaal 33.000 m² bedrijfsruimte terugkomt, waarvan minimaal 18.000 m² in milieucategorie 3.1 of hoger. ‘Hunter Douglas’ wordt als grote trendbreuk in stedelijk beleid gezien, in elk geval in Rotterdam.
Waar de afgelopen decennia de meeste voormalige haven- en fabrieksterreinen op Zuid werden getransformeerd naar woningbouw, wordt hier bewust gekozen voor behoud van industrieel (mede)gebruik. De ruimte is bedoeld voor de maritieme maakindustrie. ‘Deze sector is van vitaal belang voor zowel de Rotterdamse als de nationale economie’, aldus de gemeente.
Banen voor Rotterdammers
‘We hebben als college een duidelijke economische koers gekozen: ruimte voor Rotterdamse ondernemers. Die aanpak werkt. Rotterdam is de eerste gemeente die haar doel voor bedrijfsruimte heeft vastgesteld én gehaald en daarmee de neerwaartse trend keerde’, zegt wethouder Robert Simons.
‘Daarmee blijft de maakindustrie in de stad, behouden we banen en zorgen we dat Rotterdammers ook in de toekomst kunnen rekenen op vakmensen’,
Het college formuleerde in 2022 ook de doelstelling om het aantal bijstandsgerechtigden naar beneden te brengen. Overdrachtsuitgaven drukken zwaar op de Rotterdamse gemeentebegroting. Voldoende ruimte voor praktische werkgelegenheid is daarvoor belangrijk.
Hoewel het doel om het bijstandsvolume terug te brengen naar 30.000 niet werd gehaald, telde Rotterdam eind 2025 2.234 minder bijstandsgerechtigden dan in 2022.
Toekomstige transformaties
Het college stelt in de eindverantwoording wel dat het kleinere aantal transformaties mogelijk een tijdelijk uitstel is. Voor de komende jaren staan er veel woningbouwplannen op de rol op voormalige bedrijfslocaties, zoals de Codrico-locatie op Katendrecht, waar al ver vóór 2022 afspraken over zijn gemaakt met de eigenaars en ontwikkelende partijen.
Verder stelt de gemeente dat door de stikstofregeling en netcongestie nieuwbouw in de komende jaren lastiger wordt, en de druk op stedelijke bedrijventerreinen toeneemt.